Onmisbaar
voor veel muzikanten, maar ook vaak een bron (of een brom?) van problemen
en ergernis. Het woord "adapter" of "adaptor" betekent "aanpasser".
Het is een apparaatje dat de netspanning van 230 Volt wisselstroom omzet
in
een spanning die het betreffende apparaat nodig heeft. Meestal is dat gelijkspanning
en een voltage van 9Volt, maar daar beginnen de problemen al, want er staat
ook nog op "400mA" en een aanduiding voor wat de plus is
en wat de min. Ik ga in het volgende artikel wat licht werpen op deze
zaken. De ingangsspanning van een adapter heet ook wel de primaire spanning, de uitgangsspanning heet dan de secundaire spanning. Normaal is de primaire spanning 230V. Er zijn ook adapters die zich automatisch kunnen aanpassen en een primaire spanning van 110-230V hebben. Handig voor je wereldtournée...
Waarom adapters?
Veel apparaten kunnen op batterijen werken, maar tevens ook op een adapter.
Bij synthesizers, keyboards wordt vaak een adapter geleverd omdat de fabrikant
op
die manier exact dezelfde synthesizer dezelfde naar alle landen kan exporteren,
hij hoeft er in de doos voor Amerika alleen maar een 115V adapter bij te
stoppen
en
bij de doos voor Europa een 230V adapter. Dat is goedkoper produceren dus.
Adapters blokkeren vaak behalve de plaats waar ze in gestoken zijn nog 1 of 2 aangrenzende plaatsen van je verdeeldoos. Erg
onpraktisch. Een verdeeldoos met de aansluitingen dwars of schuin lost
vaak al iets
op. De moderne switchmode adapters (zie onder) nemen vaak maar één plaats in beslag
omdat ze zo compact zijn.
In een adapter zit een trafo, die een elektromagnetisch stoorveld uitzendt.
Leg dus geen audiokabels over een adapter, dat veroorzaakt via inductie
brom, of bij switchmode adapters hf storing.
Wisselstroom of gelijkstroom?
Bij gelijkstroom (DC) lopen de elektronen steeds één richting
op. Bij wisselstroom (AC) keert de richting 50 maal per seconde om (50Hz). Voordeel
van wisselstroom
is dat je door middel van een transformator de spanning makkelijk lager of hoger
kunt maken, met gelijkstroom is dat minder simpel. Alle elektronische apparatuur,
versterkers etc. werkt eigenlijk intern op gelijkstroom. In het apparaat
zit dan een transformator die van de 230V uit het stopcontact de lagere
spanning maakt die het apparaat nodig heeft, vervolgens een gelijkrichter
die er gelijkstroom van maakt, een
afvlakfilter
dat de
brom er uit haalt en een stabilisator die zorgt dat de spanning (Volt)
mooi constant blijft onder alle omstandigheden. Uit een batterij of accu
komt ook gelijkstroom.
Een adapter vervangt nu de ingebouwde transformator, maar meestal zit
er ook de gelijkrichter, de afvlakking en soms ook nog de stabilisator
in. Uit een adapter waarin alleen een trafo (=transformator) zit komt
wisselstroom.
Er staat bijvoorbeeld op 12 VAC/500mA. Dat betekenet 12 Volt Alternating
Current (wisselstroom). Wisselstroom is overigens funest voor apparaten
die daar niet op gebouwd zijn! Merk
zo'n
adapter
dus, zodat
je
weet waar
hij
bij
hoort!
Symbool voor gelijkstroom (DC): =
Symbool voor wisselstroom (AC): ~
Primair en secundair
De primaire spanning is de spanning die de adapter in gaat, dus vanuit
het stopcontact. In Europa hebben we 230Volt. In Amerika 115V. Gebruik
je een adapter die voor primair 115Volt gebouwd is, dan komt aan de uitgang
een 2x zo hoge spanning dan waarvoor de adapter gemaakt is, dus bijvoorbeeld
18V ipv 9V! Dat betekent vrijwel altijd het einde van je adapter en/of
van het aangesloten apparaat!
De secundaire spanning is de spanning aan de uitgang van de adapter. De
volgende gegevens zijn van belang:
Wisselstroom (AC) of gelijkstroom (DC), moet absoluut kloppen met wat
het aparaat vraagt. Wisselstroomadapters zijn overigens vrij zeldzaam.
De spanning in Volt, moet kloppen met het apparaat. Dus niet hoger
en ook niet lager.
De maximale stroom in milliAmpère (mA), mag hoger zijn, maar niet lager
dan wat het apparaat aan stroom vraagt.
De polariteit, welke aansluiting van de plug is de min en welke de
plus. Erg belangrijk! Sommige apparaten zijn beveiligd tegen verkeerd om aansluiten, maar veel ook niet... Bij een wisselstroomadapter speelt polariteit uiteraard geen rol.
Plussen en minnen
Met
dit symbooltje staat de polariteit aangegeven: in dit geval is de plus
aan de buitenkant van de plug is aangesloten en de min aan de binnenkant.
Dit
komt het meest
voor.
Maarrrrr...
er zijn ook apparaten die een adapter met omgekeerde polariteit nodig hebben.
Bij wisselstroomadapters speelt polariteit geen rol. veel gebruikte adapterplug
Hoeveel Volt?
Veel adapters geven een spanning van 9Volt, 12V of iets in die orde van
grootte. Een adapter met een te lage spanning aansluiten op een apparaat
kan meestal niet veel kwaad. Het apparaat zal dan trouwens meestal niet,
of in elk geval niet optimaal, werken. Een brom in je geluid kan ook door
een adapter met een te lage spanning veroorzaakt worden. Een te hoge spanning
is vaak fataal voor het aangesloten apparaat en soms tevens
voor
de (zekering
van
de)
adapter. Er zijn ook heel speciale adapters met meerdere aansluitingen
in een speciale plug, voor bijvoorbeeld +9V, -9V en aarde (0V), zgn. symmetrische
voeding.
Hoeveel mA?
Met het aantal mA (milli-Ampère, duizendste Ampère) wordt de maximaal te leveren stroomsterkte
aangegeven. Als een apparaat 100mA verbruikt en je gebruikt een zwaardere
adapter, van bijv. 400mA is dat geen probleem. De adapter kan het op zijn
sloffen aan. Omgekeerd, een apparaat dat 400mA trekt op een 100mA adapter
aansluiten geeft gegarandeerd problemen. Je adapter brandt door, of wordt
gloeiend heet, gevaarlijk! De spanning zal ook omlaag gaan, de stabilisatie
werkt niet meer goed en je krijgt gebrom. In sommige adapters zit een zekering die dan door zal branden.
Pluggen
De hiernaast afgebeelde plug wordt veel gebruikt voor adapters. Er zijn
variaties in de buitendikte en in de doorsnede van het gaatje. Ooit was
het de bedoeling dat voor een bepaalde spanning een bepaalde plug werd
gebruikt, zodanig dat fatale verkeerde adapters geen schade konden aanrichten
omdat
bijv. een adapter met een te hoge spanning niet zou passen. Maar helaas...
De standaardisering is niet gelukt en er worden vrolijk allerlei afmetingen
zonder logica door elkaar gebruikt. Zelf opletten dus, als de plug past
wil het niet zeggen dat de adapter ook geschikt is! De meestvoorkomende
manier van aansluiten is: plus op de buitenkant en de min aan de binnenkant.
Maar ook hier is geen standaard!
Universele adapters
Adaptable adapters... Héél gevaarlijke apparaten voor een muzikant!!! Met een schakelaar kun je
de spanning omschakelen op allerlei gevaarlijke verkeerde spanningen. Omdat
er meestal geen stabilisator in zit, komt er ook nog vaak een hogere
spanning uit dan je dacht ingesteld te hebben. Voorbeelden van adapters
die op 9V zijn ingesteld en bij nameten 16V blijken te leveren zijn geen
uitzondering...
De omschakelbare polariteit is natuurlijk helemáál
linke soep! Sommige apparaten zijn intern beveiligd tegen een verkeerde
polariteit van een adapter,
maar reken er niet op! Toch jammer van die digitale delay van € 215...
De meeste van deze adapters hebben ook geen fatsoenlijke afvlakking en
veroorzaken daardoor een flinke brom in je geluid. Koop dus liever voor
een paar €uri meer de originele adapter die bij je apparaat hoort
en plak er een etiket op waarop staat bij welk apparaat hij hoort. Je kunt ook eerst met een multimeter de spanning en polariteit meten voor je de adapter aansluit. Daarna spanning en polariteit af-tapen.
Meerdere apparaten op één adapter
Is vaak mogelijk als polariteit en spanning hetzelfde zijn. Tel het stroomverbruik
van de verschillende apparaten op en bepaal zo hoe zwaar de adapter moet
zijn.
Een apparaat
van 9V 200mA
en een van 9V 300mA op een 9V 1000mA adapter lukt prima. Er zijn speciale
kabeltjes om één adapteraansluiting te splitsen in meerdere (daisy chain).
Een enkele keer krijg je last van aardlussen en bromt het geluid. Dat is
soms alleen op te lossen door een aparte adapter te gebruiken voor één
van de apparaten, of zelfs voor allemaal...
Switching
adapter
Een nieuw type adapter is het zgn. "switching" of "switchmode" type.
Deze adapters zijn erg compact, worden niet erg heet en kunnen tóch vrij
veel
stroom
leveren,
vaak wel 2000mA (2A). Ze zijn gebaseerd op dezelfde techniek waarmee een
computervoeding werkt, met hoge frequenties en kleine trafo's. Zorg dat
je er geen audio-kabels in de buurt legt, want ze kunnen storing veroorzaken.
Ze zijn prima voor veel stroom verbruikende apparaten of voor het aansluiten van
meerdere apparaten op één adapter. Let op:met sommige (met name oudere) effectapparaten veroorzaken deze adapters storing (ruis of pieptonen) omdat de geleverde stroom niet "schoon genoeg" is. Sommige puristen spelen daarom het liefst met batterijen, die leveren de zuiverste gelijkstroom...
Warmte afvoer
Een adapter kan redelijk warm worden, vooral als er flink stroom wordt
getrokken. Er zitten dan ook vaak sleuven in waardoor de warme lucht weg
kan. Leg er dus niets overheen, bouw ze niet ergens zodanig in dat de warmte
niet weg kan. Plak geen sticker of gaffa op de luchtsleuven. Een adapter die te heet wordt is erg gevaarlijk: isolatie
kan smelten, waardoor andere apparaten onder stroom komen te staan, apparatuur kapot kan gaan en er
zelfs brand kan ontstaan!
Levensduur verlengen
Adapters kunnen best lang meegaan als je op een aantal zaken let:
Gebruik een adapter die op zijn taak berekend is (genoeg mA)
Gebruik adapters voor het originele doel
Vervang een evt. zekering door het juiste type
Trap niet op de kabel of de plug
Laat hem niet vallen
Vervoer een adapter voorzichtig, zodat de netstekker pennen niet vervormen,
na een paar keer buigen breken ze af
Wikkel de draad niet strak om de adapter na gebruik, hierdoor breekt
de draad op den duur en/of de aansluitingen in de plug of binnen in de
adapter gaan los. Losjes oprollen in grote lussen of opvouwen die draad.
Zorg dat hij niet te heet wordt
Zelf repareren
Veel adapters zijn dichtgelijmd. Het is dan dus niet de bedoeling ze te
repareren. Als een adapter wél open te schroeven is, zit er soms
een zekering in. Als je die vervangt, let dan op het juiste type. Een zekering
ziet
er
meestal uit als een glazen buisje met een heel dun draadje er in. Soms ziter er ook nog
zand in. Als het glas zwartgeblakerd is, is de zekering zeker kapot,
maar een defecte zekering is niet altijd op het oog te herkennen. Even checken met een weerstandmeter dus. Er staat
iets op in de geest van "500mAT".
Hiermee wordt de stroom sterkte aangegeven waarop de zekering doorbrandt,
in dit
geval dus
500mA, oftewel een halve Ampère. De T geeft aan dat het een trage
zekering is, die dus voor heel korte tijd
een
hogere
stroom verdraagt. Een snelle zekering heeft het achtervoegsel F. Vervang een zekering altijd door exact het zelfde type! Gebruik NOOIT zilverpapier of een stukje draad om een zekering te "repareren"!
20x5mm glaszekering
Aangezien er 230V aanwezig is in een adapter, is repareren iets dat je
alleen moet doen als je weet wat je doet. Als je kortsluiting maakt of
isolatie beschadigt in de adapter en er komt 230V op je effectapparaat
te staan...
Een nieuw adapterplugje aan de kabel solderen is best te doen als je let
op het juiste type plugje én op de polariteit. Isoleer de draden in het
plugje en isoleer één van de soldeerverbindingen na het solderen om kortsluiting
te voorkomen. Je kunt ook een kabeltje kopen met de plug er al aangegoten.
Dan moet je de kabel aan de oude kabel vastsolderen, of (beter) binnen
in de adapter aan de print solderen. Ook weer erg goed op de polariteit
letten. Het beste is: eerst controleren met een multimeter!